"Meedenken en meeleven met onze klanten, dat is onze meerwaarde."
Wil Steenhof AA
directeur
Met ingang van 1 januari 2010 kan de Belastingdienst een verzuimboete opleggen indien er geen of een onjuiste factuur wordt uitgereikt.
Indien u een factuur uitreikt, moet deze aan de wettelijke eisen voldoen. De volgende basisgegevens zijn verplicht:
In sommige gevallen gelden extra vereisten. Wilt u weten welke dat zijn, neem dan gerust contact met ons op.
Alle papieren documenten die voldoen aan de wettelijke eisen kwalificeren als een factuur voor de Belastingdienst. Denk aan rekeningen, nota's, aktes, declaraties, kwitanties of bonnen. Het is dus niet relevant welke benaming of met welke bestemming u deze uitreikt, als maar inhoudelijk voldaan is aan de wettelijke vereisten. U krijgt ook een boete indien een factuur geheel ontbreekt, omdat u bijvoorbeeld vergeten bent een factuur te sturen. Deze boete bedraagt maximaal € 4.920 per factuur. Zorg er dus voor dat alle uitgaande facturen kloppen!
Verstuur uw factuur ook op tijd! U moet binnen 15 dagen na afloop van de maand waarin uw onderneming de levering of dienst heeft verricht een factuur uitreiken. Het is nog niet duidelijk of u ook een verzuimboete kunt krijgen als u uw facturen te laat verstuurt.
Ook dit jaar stelt Het ministerie van Economische Zaken weer nieuwe innovatievouchers beschikbaar. De regeling Innovatievouchers wordt uitgevoerd door Agentschap NL. Dit agentschap van het ministerie van Economische Zaken is begin dit jaar ontstaan door een krachtenbundeling van SenterNovem, EVD en Octrooicentrum Nederland.
Voor ondernemers is het financieel niet altijd haalbaar om kennis voor innovatie in huis te halen. Om ondernemers hierin tegemoet te komen zijn de innovatievouchers bedacht. Deze kunt u gebruiken om een vraag of probleem over het vernieuwen van een product, proces of dienst neer te leggen bij een kennisinstelling (zoals een universiteit, hogeschool, ROC of TNO). U kunt een innovatievoucher ook aanvragen voor de betaling van aanvraagkosten voor een Nederlands of Europees octrooi.
Er worden zowel kleine als grote vouchers aangeboden. De kleine voucher heeft een waarde van € 2.500 en de grote voucher € 7.500.
Wacht niet te lang met het aanvragen van een innovatievoucher, want er is slechts een beperkt aantal beschikbaar.
De Belastingdienst en in het bijzonder Minister van Financiën De Jager hebben hun jacht op verborgen vermogen verhevigd. De inkeerregeling voor zwartspaarders wordt vanaf 1 juli 2010 nog verder aangescherpt. Dat heeft De Jager dinsdagmiddag 16 februari in de Tweede Kamer bekendgemaakt.
Sinds 1 januari 2010 betalen belastingplichtigen die alsnog vrijwillig hun verborgen vermogen aangeven een boete van 15% (naast de verschuldigde belasting over het vermogen dat de afgelopen twaalf jaar in het buitenland of de afgelopen vijf jaar in het binnenland buiten het zicht van de Belastingdienst is gehouden).
Per 1 juli 2010 wordt deze boete verhoogd naar 30%. De Minister van Financiën wil hiermee de prikkel om verborgen vermogen aan te melden versterken. Hij sluit niet uit dat de boete nog verder omhooggaat.
Kiest u ervoor om uw vermogen niet aan te geven bij de Belastingdienst maar wordt u gesnapt, dan moet u naast de verschuldigde belasting over het vermogen een boete betalen van 300%. Dit percentage geldt sinds 1 juli 2009.
Neem contact met ons op voor hulp bij het inkeren.
De Belastingdienst zet verschillende wapens in, om het oneigenlijk privégebruik van de auto van de zaak tegen te gaan. De Belastingdienst verwacht zo fraudeurs met de bijtelling van de auto van de zaak op heterdaad te betrappen.
Rijdt u in een auto van de zaak? Zorg er dan voor dat uw rittenadministratie op orde is. U mag met uw auto van de zaak maximaal 500 kilometers privé rijden per jaar. Maakt u meer dan 500 kilometers voor privégebruik dan krijgt u een bijtelling. De Belastingdienst gebruikt verschillende manieren om aan te kunnen tonen dat uw auto van de zaak niet bijtellingvrij is.
Continu rijden registratie-auto's rond die de nummerborden van passerende auto's filmen. Wanneer een auto meerdere malen is gefilmd, dan krijgt degene met een "Verklaring geen privé-gebruik auto" automatisch een herinneringsbrief thuis met de vraag of de verklaring nog actueel is.
De registratie-auto's filmen sinds 2007 ook bij grensovergangen tijdens de vakantietijd of bij grote evenementen, pretparken, woonboulevards of bouwmarkten, vooral in het weekeinde. De 'auto van de zaak'-rijders die gefilmd zijn kunnen een brief van de Belastingdienst verwachten met het verzoek om aan te tonen dat het om een zakelijke afspraak ging. Zo komt het wel eens voor dat auto's van de zaak met caravan worden gefilmd bij grensovergangen, terwijl er sprake is van een "Verklaring geen privé-gebruik auto."
Ook is onlangs duidelijk geworden dat de Belastingdienst gebruik maakt van gegevens van flitspalen en trajectcontroles. Dit bekent dat de Belastingdienst zelfs uw verkeersboetes gebruikt om aan te kunnen tonen dat u meer dan de toegestane 500 privé-kilometers heeft gereden. Verder controleert de Belastingdienst kilometerregistraties van APK- en garagebedrijven.
Houd uw kilometerboekhouding nauwkeurig bij om naheffingen en boeten van de Belastingdienst te voorkomen. Dreigt u gaandeweg het jaar de grens van 500 privé-kilometers te passeren, dan kunt u uw "Verklaring geen privé-gebruik auto" beter intrekken.
Ondernemers die in de inkomstenbelasting speur- en ontwikkelingswerk verrichten, kunnen de innovatiebox toepassen nadat ze hun onderneming zonder fiscale afrekening (geruisloos) hebben ingebracht in een BV.
Ondernemers die in de vennootschapsbelasting speur- en ontwikkelingswerk verrichten kunnen de innovatiebox toepassen. De innovatiebox houdt in dat alle winsten behaald door onderzoek en ontwikkeling tegen een lage tarief van 5% in plaats van 25,5% vennootschapsbelasting worden belast. Deze regeling is per 1 januari 2010 ingevoerd om innovatief onderzoek door ondernemers fiscaal te stimuleren.
U kunt de innovatiebox niet toepassen indien u speur- en ontwikkelingswerk verricht in de inkomstenbelasting. Wel kunt u een beroep doen op de regeling in het geval u speur- en ontwikkelingswerk in de inkomstenbelasting heeft verricht en u uw onderneming geruisloos omzet in een BV. De in de inkomstenbelasting ontwikkelde innovatie kan dan onder de innovatiebox worden gebracht. Zo wordt de "inkomstenbelastinginnovatie" belast tegen een lage tarief van 5% vennootschapsbelasting.
Bent u van plan uw onderneming om te zetten in een BV en verricht u speur- en ontwikkelingswerk? Neem dan contact met uw SRA-Adviseur om zekerheid vooraf te vragen bij de Belastingdienst over de toepassing van de innovatiebox.
De nieuwe Wet Personenvennootschap ligt momenteel ter behandeling bij de Eerste Kamer. Deze nieuwe wet moet de personenvennootschappen flexibeler, helderder en praktischer maken.
Indien u in een personenvennootschap deelneemt – bijvoorbeeld een maatschap of een vennootschap onder firma - staan u veranderingen te wachten. In de nieuwe wet is het onderscheid tussen beroeps- en bedrijfshandelingen komen te vervallen. De begrippen ‘maatschap’ en ‘vennootschap onder firma’ verdwijnen uit de wet. De nieuwe wet maakt straks alleen nog maar een onderscheid tussen een openbare en een niet-openbare (stille) vennootschap. Een openbare vennootschap is een vennootschap voor het uitoefenen van een beroep of bedrijf die op een voor derden duidelijk herkenbare manier naar buiten toe optreedt, bijvoorbeeld door het voeren van een gemeenschappelijke handelsnaam. Elke andere vennootschap is een stille (niet-openbare) vennootschap.
Vennoten van een openbare vennootschap kunnen kiezen tussen een vennootschap met of zonder rechtspersoonlijkheid. Deze rechtspersoonlijkheid kan worden verkregen bij de oprichting, maar ook daarna. Een openbare vennootschap met rechtspersoonlijkheid kan desgewenst altijd worden omgezet in een vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid of in een B.V.
Naar alle waarschijnlijkheid zal de nieuwe wet per 1 juli 2010 in werking treden. Als u in een samenwerkingsverband met andere (rechts-)personen aan het handelsverkeer deelneemt en u doet niets, dan wordt uw V.O.F. of maatschap automatisch omgezet in een openbare vennootschap. Raadpleeg uw SRA-Adviseur wat voor u de juiste ondernemingsvorm is!
De nieuwe Wet Personenvennootschap heeft geen gevolgen voor eenmanszaken, B.V.’s en N.V.’s.
De aangifte inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over het jaar 2009 moet u voor 1 april 2010 indienen. U krijgt dan voor 1 juli bericht.
De Belastingdienst heeft het aangifteprogramma Inkomstenbelasting 2009 beschikbaar gesteld op de website. Ook heeft de Belastingdienst vanaf 6 januari de uitnodigingen tot het doen van aangifte verstuurd. Indien u gebruik wilt maken van de Vooraf Ingevulde Aangifte (VIA) moet u nog even wachten. De VIA is vanaf 1 maart 2010 beschikbaar. In de VIA worden uw gegevens opgehaald die op dat moment bij de Belastingdienst bekend zijn. Dit zijn onder meer het Burgerservicenummer, de geboortedatum, de WOZ-waarde en loongegevens. Voor het downloaden van deze gegevens en voor het ondertekenen van de aangifte is DigiD vereist.
Indien u nu al weet dat u de deadline van 1 april niet gaat halen kunt u tot 1 april uitstel aanvragen bij de Belastingdienst. Dit kan elektronisch, schriftelijk dan wel telefonisch via 0800-0543. Binnen drie weken na uw verzoek ontvangt u schriftelijk bericht. U kunt tot 1 september uitstel krijgen.
Voor uitstel langer dan de gebruikelijke periode van vijf maanden moet u een schriftelijk verzoek indienen en daarnaast uw verzoek om uitstel motiveren. Neem contact op met uw SRA-Adviseur voor een eventueel uitstelverzoek.
Bij de beoordeling van de aangifte inkomstenbelasting 2009 gaat de Belastingdienst dit jaar extra letten op de aftrekpost voor uitgaven voor kinderen jonger dan dertig jaar.
Op 15 december 2009 zijn voor het ondernemingsrecht belangrijke wetsvoorstellen door de Tweede Kamer aangenomen. Ten eerste het wetsvoorstel “vereenvoudiging en flexibilisering BV-recht”. En vervolgens op dezelfde dag het wetsvoorstel “personenvennootschappen”. Dit wetsvoorstel heeft al een lang wetgevingsproces achter de rug en betreft de volledige herziening van het personenvennootschapsrecht. Deze tip heeft alleen betrekking op de herziening van het BV-recht: wat zijn de verwachte gevolgen voor u, vanaf medio 2010?
Het wetsvoorstel “vereenvoudiging en flexibilisering BV-recht” beoogt minder dwingend en meer regelend recht. U heeft hierdoor met minder eisen te maken indien u een BV wilt oprichten. Zo wordt het minimumkapitaal (van € 18.000,-) afgeschaft. U kunt dan zelf kiezen welk bedrag u bij de oprichting van uw BV inbrengt. Hierdoor kunnen ook kleine ondernemers of starters kiezen voor een BV. Ook komen de bank- en de accountantsverklaring bij inbreng in natura en de verplichte blokkeringsregeling te vervallen.
U krijgt als ondernemer meer vrijheid bij de inrichting van kleinere ondernemingen, joint ventures en concerns. Het wordt eenvoudiger om besluitvorming buiten de algemene vergadering te laten plaatsvinden. In de statuten kan worden geregeld dat iedere aandeelhouder zijn eigen bestuurder benoemt. Andere belangrijke wijzigingen zijn:
De inwerkingtreding van het wetsvoorstel “vereenvoudiging en flexibilisering BV-recht” is officieel nog niet bekend. De bal ligt nu bij de Eerste Kamer. Naar verwachting zal het genoemde wetsvoorstel op 1 juli 2010 in werking treden. Wij raden u aan contact met ons op te nemen voor de keuze van de juiste ondernemingsvorm.
Op dinsdag 15 september 2009 heeft het kabinet de Miljoenennota 2010 aangeboden. De speerpunten zijn:
De aangekondigde fiscale maatregelen zijn nog niet definitief en kunnen daarom veranderen. Bij de parlementaire behandeling in de komende weken krijgen de meeste voorstellen definitief beslag. De meeste voorgestelde maatregelen gaan in op 1 januari 2010.
Staatssecretaris De Jager van Financiën heeft dit keer maar liefst zes fiscale wetsvoorstellen naar de Tweede Kamer gestuurd: Staatssecretaris De Jager van Financiën heeft dit keer maar liefst zes fiscale wetsvoorstellen naar de Tweede Kamer gestuurd:
Deze samenvatting bevat de belangrijkste gevolgen voor u als ondernemer, dga, werkgever of werknemer.
Vanaf 1 januari 2010 veranderen de regels van de btw-heffing voor ondernemers in Nederland die zaken doen met ondernemers in Europa.
Als ondernemer kunt u btw die betaald is in een andere EU-lidstaat terugvragen bij de Belastingdienst in Nederland.
U kunt btw die u betaald heeft in een EU-lidstaat alleen nog elektronisch terugvragen. Vanaf 1 januari 2010 doet u dat op een speciale internetsite van de Belastingdienst. U hebt daarvoor inloggegevens nodig, die u vanaf 1 december 2009 kunt aanvragen. Per btw-identificatienummer kunt u één maal inloggegevens aanvragen.
U kunt het aanvraagformulier voor de inloggegevens downloaden via www.belastingdienst.nl/eubtw2010. Stuur het formulier ingevuld en ondertekend op en u ontvangt binnen 4 weken uw inloggegevens.
Wanneer het wetsvoorstel Wijziging van de Successiewet 1956 wordt aangenomen, zullen er met ingang van 1 januari 2010 nieuwe vrijstellingen en tarieven gelden voor de schenkbelasting.
De gewijzigde tarieven in de schenkbelasting in 2010 hoeven niet altijd in uw voordeel uit te pakken in de situatie dat u een schenking wilt doen aan uw kind. Het is dus raadzaam om nu nog een afweging te maken in welk kalenderjaar (2009 of 2010) een schenking het gunstigst is.
In de huidige tariefstructuur is de schenking tot € 22.763 belast tegen 5% en een schenking tussen de € 22.763 en € 45.519 belast tegen 8%. Een schenking tussen de € 45.519 en € 91.026 is weer tegen een hoger tarief belast, namelijk 12%. In de voorgestelde tariefstructuur is de schenking tot de eerste € 118.000 belast tegen 10% en daarboven tegen 20%.
In 2009 kunt u tot een bedrag van € 4.556 belastingvrij schenken aan uw kind. In 2010 wordt dit bedrag verhoogd naar € 5.000.
Schenkt u in 2009 aan uw kind een bedrag van € 10.000, dan valt dat bedrag na aftrek van de vrijstelling in het 5%-tarief. In 2010 wordt dat bedrag echter belast tegen een tarief van 10%. In 2010 betaalt u dus het dubbele aan belasting. In dit geval is het dus raadzaam om nog in 2009 te schenken.
Bij schenkingen aan kinderen hoger dan € 45.519 is in 2009 meer schenkingsrecht (12%) verschuldigd dan in 2010 (10%). Bij lagere schenkingsbedragen in 2009 is dat minder (5% of 8%). U moet zelf een afweging maken of het interessanter is om nog in 2009 een schenking aan uw kinderen te doen.
De regeling voor instellingen die zijn aangewezen als een Algemeen Nut Beogende Instelling (hierna “ANBI’s “) wordt gewijzigd. Tenminste, als het wetsvoorstel tot wijziging van de Successiewet 1965 eind december wordt aangenomen. Per 1 januari 2010 gelden dan twee nieuwe voorwaarden.
De nieuwe voorwaarden voor ANBI's zijn:
Alleen instellingen die de Belastingdienst heeft aangewezen als een ANBI kunnen gebruik maken van de fiscale regelingen voor ANBI’s. Om als een ANBI te worden aangewezen, moet u zelf een beschikking aanvragen bij de Belastingdienst. Indien u in het bezit bent van een ANBI-beschikking en niet voldoet aan de nieuwe voorwaarden komt uw huidige ANBI-beschikking per 1 februari 2010 te vervallen.
De Belastingdienst stelt nu al een formulier ter beschikking aan alle ANBI's. Hiermee kunt u aangeven of u voldoet aan de nieuwe voorwaarden. Dit formulier zou u in de week van 18 november hebben ontvangen. U dient het formulier vóór 6 januari 2010 terug te sturen naar de Belastingdienst.
Ondernemers die na 1 januari 2010 R&D-werkzaamheden uit gaan voeren, kunnen tot uiterlijk 30 november 2009 een WBSO-aanvraag voor 2010 indienen.
Het nieuwe digitale aanvraagprogramma WBSO voor 2010 is beschikbaar. Uw aanvraag kunt u direct vanuit het aanvraagprogramma via internet indienen. De optie om de aanvraag direct op diskette weg te schrijven en zo uw aanvraag in te dienen is in het programma voor 2010 vervallen. Het gebruik van diskettes is namelijk geen gangbare methode meer en SenterNovem wil het indienen via internet stimuleren.
De aanvraag kan worden ingediend voor het gehele jaar 2010 of voor een periode die start op 1 januari 2010. Uw aanvraag moet vooraf en uiterlijk één volledige kalendermaand voor de start van de R&D-werkzaamheden bij SenterNovem zijn ingediend. Bent u een zelfstandige, dan start de aanvraagperiode op het moment dat u de aanvraag indient.
Voor een WBSO-aanvraag heeft u wel een certificaat nodig. Hebt u deze nog niet, vraag deze dan direct aan op www.senterloket.nl.
De staatssecretaris heeft zijn speerpunt gericht op belastingplichtigen die hun vermogen buiten het zicht van de Belastingdienst willen houden. Deze belastingplichtigen riskeren een boete van maximaal 300% van de verschuldigde belasting.
Belastingplichtigen moeten jaarlijks hun box 3-vermogen opgeven in hun aangifte. Dit betekent dat u zowel uw binnenlandse- als uw buitenlands vermogen moet opgeven. Indien u het vermogen niet opgeeft riskeert u een boete. Per 1 juli 2009 is de boete op verborgen box 3-vermogen verhoogd van 100% naar 300% (de zogenaamde vergrijpboete) van de verschuldigde belasting.
De Belastingdienst biedt u echter de mogelijkheid om alsnog juiste en volledige informatie te verschaffen. Dit wordt de inkeerregeling genoemd. Door gebruik te maken van de inkeerregeling voorkomt u een boete. U hoeft alleen de belasting inclusief heffingsrente te betalen over het alsnog aangegeven vermogen. U moet de Belastingdienst wel voor zijn. Dit betekent dat op het moment van inkeer de Belastingdienst nog niet op de hoogte is van uw verborgen vermogen.
U kunt aangiften die al zijn ingediend vrijwillig verbeteren door het formulier ‘Verklaring Vrijwillige verbetering Buitenlands vermogen’ in te vullen en op te sturen. U kunt dit formulier downloaden of ophalen bij uw belastingkantoor. Indien u meer informatie wenst over de inkeerregeling kunt u contact opnemen met de Inkeerlijn van de Belastingdienst via telefoonnummer (076) 526 01 28, of per e-mail: inkeer@belastingdienst.nl.
De inkeerregeling is per 1 januari 2010 beperkt tot twee jaar na het ontstaan van het beboetbare feit. Dit betekent dat als u niet binnen twee jaar uw box 3- inkomen aangeeft, u een boete riskeert.
Als u een aanslag moet betalen, dan mag de Belastingdienst voortaan niet meer dan drie maanden heffingsrente in rekening brengen.
Voor de heffing van de inkomstenbelasting bent u heffingsrente verschuldigd. De rente wordt berekend vanaf 1 juli van het jaar waarover aangifte is gedaan tot het moment waarop de Belastingdienst een (voorlopige) aanslag oplegt. De Hoge Raad heeft op 25 september 2009 besloten dat de Belastingdienst voortaan niet meer dan drie maanden heffingsrente mag rekenen. Deze periode gaat in op het moment dat u een aangifte of een aanvulling op uw aangifte indient. De beperking van de heffingsrente geldt niet als er sprake is van een correctie door de inspecteur.
De beperking van heffingsrente geldt voor de volgende aanslagen:
Controleer uw aanslag! Is het een aanslag die valt binnen de regeling en heeft u meer dan drie maanden heffingsrente betaald, dan wordt het teveel betaalde heffingsbedrag automatisch door de Belastingdienst terugbetaald. U hoeft dus zelf geen bezwaar te maken.
Op 3 november 2009 is een wijziging aangenomen in de nieuwe Successiewet. Bij een bedrijfsopvolging worden bedrijven met een waarde tot € 1 miljoen volledig vrijgesteld van successieheffing.
Als de Eerste Kamer instemt met de vernieuwde Successiewet dan kunnen familiebedrijven per 1 januari 2010 onder voorwaarden tot € 1 miljoen onbelast worden overgedragen. Is de waarde van de onderneming hoger, dan is van het meerdere 83% voorwaardelijk vrijgesteld.
De grens van € 1 miljoen moet worden beoordeeld vanuit de waarde van de onderneming en niet vanuit de omvang van de verkrijging. Om de waarde van de onderneming te bepalen wordt als uitgangspunt genomen de positie van de erflater of schenker.
De regeling geldt alleen bij overdracht van een onderneming. De schenking of erfenis van een B.V. zonder onderneming, bijvoorbeeld een B.V. met alleen beleggingen of een pensioen-B.V., komt niet voor de vrijstelling in aanmerking.
Om de financieringslasten van mensen met twee eigen woningen niet al te veel te laten stijgen, is een tijdelijke maatregel in het leven geroepen die het mogelijk maakt na de verhuurperiode van de te koop staande voormalige eigen woning weer aanspraak te maken op hypotheekrenteaftrek.
Het kabinet komt de huiseigenaren, die hun te koop staande woning tijdelijk willen verhuren, tegemoet. Een tijdelijke maatregel, opgenomen in het Belastingplan 2010, zorgt ervoor dat na de verhuurperiode van de te koop staande voormalige eigen woning weer aanspraak kan worden gemaakt op hypotheekrenteaftrek. De woning keert vanuit Box 3 terug in Box 1. Voorwaarde hiervoor is dat wanneer niet zou zijn overgegaan tot tijdelijke verhuur de hypotheekrenteaftrek nog mogelijk zou zijn geweest.
De maatregel geldt in beginsel alleen voor gevallen waarbij de verhuur een aanvang neemt op of na 1 januari 2010. De maatregel heeft een tijdelijk karakter voor de duur van twee jaar. Per 1 januari 2012 wordt teruggekeerd naar de huidige regeling.
Bent u van plan uw leegstaande woning te verhuren in de periode tussen 1 januari 2010 en 1 januari 2012? Doe na de verhuurperiode weer een beroep op hypotheekrenteaftrek.
Vanaf 1 april 2010 kan er geen gebruik meer worden gemaakt van DigiD voor bedrijven. Dit besluit is genomen door het ministerie van Economische Zaken, het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de KvK en ‘GBO.Overheid’.
Met DigiD voor bedrijven kunt u terecht bij elektronische diensten van steeds meer overheidsinstellingen. DigiD voor bedrijven wordt centraal beheerd en gefinancierd door ‘GBO.Overheid’, waarbij gebruik wordt gemaakt van de database van de KvK. Vanaf 1 april 2010 houdt DigiD voor bedrijven op te bestaan.
Er wordt momenteel gewerkt aan een structurele oplossing voor het authenticeren van bedrijven. De opvolger van de DigiD voor bedrijven, het programma eHerkenning voor Bedrijven dat in opdracht van het ministerie van Economische Zaken wordt ontwikkeld, is naar verwachting pas in de tweede helft van 2010 beschikbaar.
Er is vooralsnog onbekend waar u terecht kunt voor de periode vanaf 1 april 2010 tot dat eHerkenning operationeel is. Wel wordt er al druk gezocht naar een oplossing waarbij het streven is naar slechts één overgang voor bedrijven.
Vanaf heden kunt u zich niet meer aanmelden voor DigiD voor bedrijven. U moet wachten tot de opvolger beschikbaar is. Indien u al aangemeld bent kunt u tot 1 april 2010 gebruik blijven maken van DigiD voor bedrijven.
Vanaf 1 januari 2010 veranderen de regels van de btw-heffing voor ondernemers die zaken doen met andere ondernemers in Europa.
De volgende drie wijzigingen die betrekking hebben op de Europese btw-wetgeving vergemakkelijken het zaken doen:
Bij een dienst of een levering verricht in een ander EU-land moet u de Belastingdienst regelmatig een overzicht sturen van uw verrichte diensten en of leveringen. Dit overzicht wordt opgaaf ICP genoemd. De opgaaf ICP vervangt de opgaaf ICL (intracommunautaire leveringen, die alleen gold voor goederen). Leveranciers van goederen dienen de opgaaf ICP maandelijks te doen als de omzet per kwartaal meer is dan € 100.000. Is de omzet minder dan kan de opgaaf per maand, 2 maanden, kwartaal of per jaar gedaan worden. Dienstverleners mogen elk tijdvak kiezen.
U moet zelf op tijd opgaaf ICP doen. U krijgt dus geen bericht van de Belastingdienst met het verzoek om opgaaf ICP op te sturen.
Doet u zaken met andere ondernemers in Europa? Dan kunt u bij uw SRA-adviseur informeren of deze nieuwe btw-regels in uw voordeel uitpakken. Ook heeft de Belastingdienst een speciale site geopend over de nieuwe btw-regels. Zie http://www.belastingdienst.nl/eubtw2010/.
Voor de heffing van de nieuwe erfbelasting wordt de bedrijfsopvolgingsregeling voor kleine aandelenpakketten (minder dan 5%) in familiebedrijven versoepeld. Zo wordt voorkomen dat bedrijven waarvan de aandelen meerdere keren zijn vererfd in moeilijkheden komen.
De bedrijfsopvolgingsregeling (verder: BOR) is op verzoek van toepassing als iemand een aanmerkelijk belang erft. Van een aanmerkelijk belang is sprake als de overledene direct of indirect minimaal 5% van de geplaatste aandelen bezat in een werkmaatschappij. De situatie kan zich voordoen dat dit belang, door bijvoorbeeld verervingen naar verscheidene personen, verwatert naar een belang van minder dan 5%. Dit heeft tot gevolg dat de verkrijgers geen aanspraak kunnen doen op de BOR. Door de in het wetsvoorstel Wijziging van de Successiewet 1956 voorgestelde versoepeling is per 1 januari 2010 de BOR ook van toepassing op indirecte belangen:
Voor de heffing van de Successiewet 1956 houdt de BOR in grote lijnen het volgende in: